
Een operatie
Er kunnen veel redenen zijn waarom uw dier moet worden geopereerd. Of het nu gaat om een zgn. routineoperatie, zoals een sterilisatie of castratie van uw dier, of om bv een knieoperatie; uw dier is bij ons in goede handen en wordt met de grootst mogelijke zorg omgeven en behandeld.
Het maken van de afspraak
Die zorg begint al bij het afspreken van de operatie. De assistente wijst u erop dat uw dier vanaf ongeveer 12 uur voor de operatie niet meer mag eten. De reden hiervoor is dat het dier door de narcose kan gaan braken en dan bestaat het risico dat hij zich kan verslikken en voedseldelen inademt tijdens de operatie. Drinken mag wel tot een uur voor de operatie.
De gezondheidstoestand
Het is van groot belang dat uw dier zo gezond mogelijk aan een operatie begint, omdat daarmee het narcose-risico verkleind wordt. Dit is de reden dat vooraf altijd een lichamelijk onderzoek zal plaatsvinden. De dierenarts controleert daarbij de ademhaling, het hart, de slijmvliezen en eventueel de temperatuur. Nog beter is het om ook nog een bloedscreening te doen om lichamelijke afwijkingen aan bv lever of nieren te kunnen vaststellen. Zeker bij de zgn. risico-groep (honden en katten vanaf 6 jaar) zullen wij dit adviseren.
Bij dieren met een "ruisje" of een afwijkend ritme van het hart kan een ECG (hartfilm) gemaakt worden om het risico beter te kunnen evalueren.

De recovery
Na de operatie wordt de operatiewond verzorgd en afgedekt met een spray. Het dier wordt nu naar de recovery gebracht om weer wakker te worden. Hier wordt hij voortdurend gecontroleerd en in de gaten gehouden.
Tijdens en na de operatie wordt er extra veel zorg aan besteed om de lichaamstemparatuur zo constant mogelijk te houden. Met behulp van warmtelampen en warmtematten lukt dat goed.
Natuurlijk wil iedereen zo snel mogelijk zijn dier weer thuis hebben. De meeste dieren zijn enkele uren na de operatie al weer in staat om naar huis te mogen, maar dit is sterk afhankelijk van het soort operatie en bovendien per dier verschillend.
Wij streven er naar alle dieren pas naar huis te laten gaan als ze weer helemaal "bij" zijn uit de narcose. Dan weten we zeker dat er niets meer mis kan gaan!
De nazorg bij u thuis
Als uw dier nog slaperig is, kunt u hem het beste een warm en rustig plekje geven. Een kat die erg onrustig is, kunt u het beste in zijn vervoerskooitje in een rustige, wat donkere ruimte laten zitten tot de onrust verdwenen is.
De oogleden kunnen wat vet zijn van de oogzalf die tijdens de narcose in de ogen is aangebracht om uitdroging van het hoornvlies tegen te gaan.
Waar dient u op te letten:
Uw hond of kat mag niet gaan braken (een enkele keer 's avonds de eerste dag is geen enkel probleem).
De operatiewond mag niet nabloeden (een paar druppels bloed is niet erg).
De eerste dag na de operatie moet hij weer willen drinken.
De tweede dag na de operatie moet hij weer willen eten.
Uw dier mag niet aan de wond likken of bijten.
Mag geen koorts krijgen en de wond moet er netjes blijven uitzien.
Voedsel en drinken
Wij adviseren om uw dier na afloop van de operatie, kleine hoeveelheden eten verdeeld over de dag te geven. De eerste dag na de operatie +/- de helft van de normale hoeveelheid. Vanaf de derde dag gaat alles weer normaal. Geeft u te snel of te veel voedsel dan kan het dier misselijk worden en gaan braken.
Drinken mag uw dier al direkt na thuiskomst, zodra hij hiertoe in staat is, maar ook hiervoor geldt weer: met kleine beetjes.
Medicamenten
Als u medicijnen meekrijgt, staat het gebruik en de dosering op de verpakking.
Vaak hoeft u daar pas een dag na de operatie mee te beginnen.
De kap
Om te voorkomen dat de hond of kat aan de wond gaat likken of bijten (de hechtingen kunnen gaan jeuken) wordt er soms een kap meegegeven. Het is de bedoeling dat uw dier die kap de eerste dagen dag-en-nacht omhoudt. Begin met de kap daarna af te doen als u op het dier kunt letten, bijvoorbeeld als u 's avonds voor de TV zit. Accepteert de hond de kap niet dan kan een oud T-shirt uitkomst bieden. Doe de achterpoten door de armsgaten en maak het aan de voorkant bij de hals en de voorborst met "veilige" veiligheidsspelden vast.
Het uitlaten
Uw hond de eerste dagen na de operatie uitsluitend aan de lijn uitlaten, wel regelmatig maar niet te lang achter elkaar. Probeer springen en spelen zoveel mogelijk te voorkomen.
Katten bij voorkeur 2 tot 3 dagen binnen houden.
Controle
In overleg met de dierenarts maakt u een controle afspraak na de operatie. Bijvoorbeeld voor het laten verwijderen van huidhechtingen of controle van de operatiewond. Deze controle kost niets. Wel even een afspraak maken hiervoor.
Voor de meeste ingrepen geldt dat uw dier zeer spoedig herstelt en dat u misschien zelfs al na enkele dagen niet meer kunt merken dat ze geopereerd is.
Tenslotte, mocht u iets niet vertrouwen, neem dan contact met ons op !!!
Een filmpje van een een operatie op hond Els binnen onze kliniek kunt u hier bekijken.